Als je met het openbaar vervoer reist, kun je een beetje extra tijd inplannen door bijvoorbeeld wat eerder van huis te gaan. Voor bedrijven is dat een stuk lastiger. Die moeten zorgen dat hun hele productieproces, met veel verschillende stappen, blijft draaien. Hoe houden ze hier rekening mee?
Just in time
De laatste jaren is het “just-in-time” model steeds populairder geworden voor logistieke ketens. Het kost namelijk veel tijd om voorraden te bewaren en in goede staat te houden. Maar het klein houden van buffers in tijd maakt het proces gevoelig voor onverwachte vertragingen. Een voorbeeld van een onverwachte vertraging is bijvoorbeeld een containerschip dat vast komt te zitten in een smalle waterweg. Zelfs kleine vertragingen kunnen grote problemen veroorzaken, zoals we soms bij het treinverkeer zien.
Vastlopend systeem
Onderzoekers hebben recent gekeken naar tijd buffers in complexe logistieke netwerken. Ze zagen dat je tijdsbuffers niet onbeperkt kunt verkleinen. Als je buffers te klein maakt, kan het hele systeem ineens vastlopen. Dit gebeurt bij een bepaalde minimale tijdsvertraging. Zelfs net boven dit limiet wordt een systeem heel kwetsbaar voor kleine verstoringen. Dit probleem speelt bijvoorbeeld bij treinroutes in verschillende landen en bij internationale luchtvaart. Het kan zelfs, via productienetwerken, zorgen voor grote schommelingen in de economische groei van landen.
Een aantal onderzoeksvragen kunnen zijn:
1. Hoe beïnvloeden tijdsbuffers een productieproces bij onverwachte verstoringen?
2. Wat zijn de belangrijkste factoren die bepalen hoe groot een tijdsbuffer moet zijn in logistieke ketens? 3. Welke industriesectoren zijn het meest kwetsbaar voor verstoringen in hun logistieke keten door minimale tijdsbuffers?
4. Hoe kunnen wiskundige modellen helpen met het verkleinen van de kwetsbaarheid van logistieke ketens voor onverwachte vertragingen?